Cao voor de Handel in Bouwmaterialen

‹ Terug

Hoofdstuk 1 - Begripsbepalingen

1.1 Hij en zij
Mannen en vrouwen zijn gelijkwaardig. Deze Cao bedoelt met 'werknemer' dus ook de 'werkneemster' en met 'hij' ook 'zij'.
1.2 Werkgever
Deze Cao geldt voor werkgevers in de groothandel in bouwmaterialen.
In afdeling B staat welke werkgevers en ondernemingen precies zijn bedoeld.
1.3 Werknemer
Deze Cao geldt voor iedereen die - voltijds of deeltijds - in dienst is bij een groothandel in bouwmaterialen.
1.4 CAO
De werkgever en de werknemer zijn verplicht de afspraken in deze Cao zorgvuldig na te leven. 

Afwijken van de Cao? 
  • Bestaande afspraken blijven van kracht. Maar alleen als ze voor de werknemer gunstiger zijn dan de regels in deze Cao. 
  • De werknemer en de werkgever kunnen samen andere afspraken schriftelijk vastleggen. Ook die zijn alleen geldig als ze voor de werknemer gunstiger zijn. Zo'n individuele arbeidsovereenkomst moet bovendien duidelijk verwijzen naar de rechten en plichten die de werknemer aan deze Cao ontleent.
  • De werkgever moet een vergunning hebben voor elke situatie waarin hij in negatieve zin van een Cao-regel afwijkt. Die vergunning vraagt hij aan bij de Vaste Commissie. Deze commissie beslist of de werkgever goede argumenten heeft om de Cao te negeren. Hij blijft hoe dan ook gebonden aan de regels in de Wet op de Ondernemingsraden.