Cao voor de Handel in Bouwmaterialen

‹ Terug

6. Werkafspraken tussen de Cao-partijen

6.1 Periodiek overleg
De Cao-partijen praten regelmatig - ten minste tweemaal per jaar - over de economische vooruitzichten van de bedrijfstak. Dit overleg is vooral bedoeld om adequaat in te spelen op de ontwikkeling van de werkgelegenheid in de branche.
Er komt een paritaire commissie die zal worden belast met de problematieken rondom de naleving van de CAO door bedrijven. Deze commissie dient als beoordelings- en beslissingscollege bij problemen ten aanzien van de CAO-naleving bij bedrijven. Werknemers zullen zich met klachten over de naleving van de CAO rechtstreeks tot deze commissie kunnen wenden. CAO-partijen zullen nadere afspraken maken over de werkwijze van deze commissie.
Partijen zullen gezamenlijk de werknemers rechtstreeks informeren over de gemaakte CAO-afspraken.

6.2 Tegengaan concurrentiebeding
De Cao-partijen roepen werkgevers op om terughoudend en selectief om te gaan met het opleggen van een concurrentiebeding aan nieuwe werknemers.

6.3 Gezondheidsbeleid
Partijen spreken af dat de werkgever een actief beleid voert om verzuim en arbeidsongeschiktheid te voorkomen. In geval van langdurige arbeidsongeschiktheid zal de werkgever zich maximaal inspannen om de betrokken medewerker te re-integreren. De werkgever zal haar verzuimbeleid vastleggen in een verzuimregeling bij arbeidsongeschiktheid die vervolgens ter instemming wordt voorgelegd aan de OR/PVT. 

6.4 Re-integratie arbeidsongeschikte werknemers
Partijen zullen gezamenlijk het opdrachtgeverschap ten aanzien van re-integratie van WAO-ers en van zieke werknemers op zich nemen. De afspraken betreffen alle (onderdelen van) re-integratie contracten die gericht zijn op herplaatsing bij een nieuwe werkgever.
Dit laat onverlet dat indien werkgever en werknemer geen overeenstemming bereiken over de mogelijkheden tot herplaatsing bij de eigen werkgever, de betrokken werknemer alle mogelijkheden kan benutten die de wet hem biedt.

Bij de verdere praktische uitwerking van de afspraken  dient er ook aandacht te zijn voor de communicatie naar werkgevers en werknemers in de branche.
Partijen leggen de volgende uitgangspunten bij re-integratie in de CAO vast.
De werkgever dient, indien er geen passende arbeid beschikbaar is, de werknemer de mogelijkheid te bieden een baan te zoeken bij een andere werkgever. De werkgever biedt de arbeidsongeschikte werknemer daarvoor adequate faciliteiten aan.
Daaronder wordt tenminste verstaan:
ēInspraak in het traject en keuze uit tenminste meerdere re-integratiebedrijven in de regio waar de werknemer woont.
ēDe bewuste re-integratiebedrijven moeten voldoen aan de volgende voorwaarden:
-Beschikken over een Privacy reglement wat door de Registratiekamer (of haar rechtsopvolger) is erkend en via deze openbaar toegankelijk is. Beschikken over een Klachtenregeling met beroepsprocedure. 
-Tevens moet vastgelegd zijn dat bij aanvang van de dienstverlening aan de werknemer een exemplaar van de Klachtenregeling wordt overhandigd.
-Het re-integratiebedrijf zal de cliŽnt/werknemer actief voorlichten en tevoren aantoonbaar informeren over doel en inhoud van elk traject, welke eisen aan cliŽnt gesteld worden en op welke ondersteuning hij mag rekenen van de kant van het re-integratiebedrijf.
-Het behoort tot de vaste werkwijze dat afspraken met cliŽnten/werknemers schriftelijk worden vastgelegd. De cliŽnt/werknemer ontvangt zo snel mogelijk een afschrift hiervan.

6.5 Seniorendagen
Een paritaire werkgroep zal een voorstel voorbereiden tot het omzetten  van de seniorendagenregeling uit art. 6.1 cao naar een regeling die beantwoordt aan het doel waarvoor de regeling destijds gemaakt is.

6.6 Participatiebeleid
Om het voor werkgevers makkelijker te maken om een arbeidsbeperkte die niet zelfstandig het minimumloon kan verdienen en voor wie loonkostensubsidie wordt ingezet in dienst te nemen, zal per 1 januari 2019 de laagste loonschaal uit de cao bestemd worden voor mensen met een arbeidsbeperking.  Deze afspraak is er op gericht om extra banen te creŽren voor deze kwetsbare doelgroep. Cao-partijen zullen in 2019 nadere afspraken maken ten aanzien van de monitoring.

6.7 salaristabel
De cao-lonen uit groep 1 worden per 1 januari 2019 geÔndexeerd conform de rest van het loongebouw. De cao-lonen uit groep 1 worden niet langer periodiek teruggezet naar het minimumloon. Hierdoor blijven de laagste salarissen op termijn hoger dan het minimumloon.

6.8 Jeugdlonen
Partijen spreken af de jeugdlonen stapsgewijs te verhogen per 1/4/2019; 1/7/2019 en 1/1/2020.

6.9 Duurzame inzetbaarheid
Partijen gaan zich er gezamenlijk voor inzetten werknemers die werken in de bouwmaterialengroothandel te helpen vitaal, competent, gemotiveerd en in goede balans te blijven. Dit is belangrijk omdat iedereen het steeds drukker krijgt, veranderingen sneller gaan, er steeds vaker van baan wordt gewisseld en er ook langer moet worden doorgewerkt. Dit vraagt aanpassingsvermogen en veranderingsbereidheid van werknemers maar ook om investeren: zorgen dat kennis en vaardigheden "up to dateĒ zijn, het werk leuk en uitdagend blijft en medewerkers gezond en vitaal zijn. Dat gaat niet van zelf. Partijen gaan daarbij helpen met een modernere cao met afspraken die daarbij ondersteunen. Zij gaan daarvoor duurzame inzetbaarheid een terug kerend thema maken bij de onderhandelingen.

6.10 Pilot ontwikkelgesprekken 
Partijen spreken af de uitkomsten van de Pilot ontwikkelgesprekken te gebruiken voor verder onderzoek naar afspraken en communicatie over de verbetering van de inzetbaarheid van de werknemers in de sector. Dit onderzoek gebeurt door een paritaire werkgroep en zal onderdeel uitmaken van een Sectorplan Duurzame Inzetbaarheid met concrete voorstellen op de themaís  gezondheid & vitaliteit, kennis & vaardigheden, motivatie & betrokkenheid en werk-privé balans. Partijen spreken af dat de werkgroep haar voorstellen zal doen gedurende de looptijd van de cao.

6.11 80/90/100 regeling
In vervolg op een eerste verkenning van een paritaire werkgroep uit 2018 met betrekking tot een 80/90/100 regeling of variant daarop, zullen cao-partijen in 2019 nader onderzoek doen naar het nut en de noodzaak van een dergelijke regeling m.n. waar het gaat om de verbetering van de inzetbaarheid van de werknemers in de sector . Dit onderzoek zal gebeuren vanuit een heldere probleemstelling en zoveel als mogelijk gericht zijn op maatwerk. Daarbij zal door partijen gekeken worden naar de bestaande wettelijke regelingen zoals de wet aanpassing arbeidsduur en een passend demotiebeleid. Het onderzoek zal ook inzicht geven in het draagvlak, zowel bij werkgevers als werknemers. 

6.12 Financiering Bpf-regeling
Partijen spreken af in de 1ste helft van 2019 een standpunt te bepalen t.a.v. de kosten van de pensioenregeling w.o. een evenwichtige premiedekkingsgraad alsmede zo nodig een eventuele verbetering daarvan. 

6.13 Werkingssfeer
Partijen spreken af gedurende de looptijd van de cao een gezamenlijk onderzoek te doen naar de werkingssfeer van cao alsmede die van het Fonds Collectieve Belangen en de bedrijfstak pensioenregeling.

6.14 Mantelzorg
Partijen spreken af gedurende de looptijd van de cao middels een werknemersenquÍte een onderzoek te doen naar de arbeidsvoorwaardelijke aspecten van mantelzorg.

6.15 Participatiebeleid
Om het voor werkgevers makkelijker te maken om een arbeidsbeperkte die niet zelfstandig het minimumloon kan verdienen en voor wie loonkostensubsidie wordt ingezet in dienst te nemen, zal per 1 januari 2010 de laagste loonschaal uit de cao bestemd worden voor mensen met een arbeidsbeperking.  Deze afspraak is er op gericht om extra banen te creŽren voor deze kwetsbare doelgroep. Cao-partijen zullen in 2019 nadere afspraken maken ten aanzien van de monitoring.

6.16 Internationale solidariteit
Partijen spreken af een  of meerdere buitenlandse projecten financieel te ondersteunen. De uitvoering zal liggen bij het Fonds Collectieve Belangen.